Analysing and Exploring Sustainable Urban Strategies (AESUS)

Uit Netwerk Wiki | Zicht op het netwerk
Ga naar: navigatie, zoeken

Onderdeel van het VerDus-programma Urban Regions in the Delta (URD)
Titel onderzoek: AESUS [1]
Kernwoorden: Arbeidsproductiviteit, Bereikbaarheid, Beslissingsondersteuning, Burgerparticipatie, Gebiedsontwikkeling, Leegstand, Ruimte, Stedelijke economie, Transformatie, Verdichting, Verstedelijking
Projectleiding: Vrije Universiteit
Looptijd: 2012-2014

Aanleiding

Het AESUS-project beoogde kennis en tools te ontwikkelen voor het begrijpen van de complexe relatie tussen maatschappelijke veranderingen en stedelijke ontwikkeling. Op basis daarvan zijn mogelijke toekomstige ontwikkelingen geschetst en is bijgedragen aan aanbevelingen voor een duurzame ontwikkeling van deze gebieden.

Centraal stonden:

  • Kennisontwikkeling over ruimtelijke ontwikkelingen en mogelijke interventiestrategieën voor de veranderende ruimtelijke en bestuurlijke context;
  • Modelontwikkeling gericht op aanpassen en combineren van ruimtelijke beslissingsondersteunende instrumenten voor huidige nationale en regionale ruimtelijke vraagstukken;
  • Praktijkoriëntatie in definitie en analyse van kansrijke interventiestrategieën aansluitend bij huidige planpraktijk en inhoudelijke vraagstukken.

De A2-corridor vormde een centraal element in het project om het onderzoek te kunnen structureren rond het relatieve succes van bepaalde delen en het achterblijven van andere.

Uitkomsten en aanbevelingen

Het AESUS-project heeft geleid tot nieuwe inzichten in:

  • de algemene, economische processen die stedelijke ontwikkeling sturen;
  • de specifieke actuele processen die bijdragen aan binnenstedelijke verdichting;
  • en de veranderende bestuurlijke context waarin deze processen plaatsvinden.


Geografisch spreiding

Zo is een internationale vergelijkende studie uitgevoerd naar het relatieve belang van landsgrenzen, taalgrenzen, binnenlandse bereikbaarheid en internationale bereikbaarheid voor de kans op verstedelijking. Hierin bleken zelfs binnen het noordwestelijke, historische kerngebied van de Europese Unie landsgrenzen nog steeds een barrière van betekenis. Een vergelijkbaar beeld kwam op in onze studie naar de geografische spreiding in arbeidsproductiviteit in Nederland die gebruik maakte van recent beschikbaar gekomen microdata over inkomens. Na correctie voor persoonskenmerken (zoals opleidingsniveau) en type arbeid blijkt deze productiviteit langs de A2-corridor het hoogst in Amsterdam en Utrecht, nog relatief hoog rond Eindhoven en het laagst in Limburg.


Stedelijke ontwikkeling

Gedetailleerde studies naar stedelijke ontwikkeling in Nederland laten zien dat woningendichtheid, anders in dan in veel buitenlanden, toeneemt in binnensteden. Ruimtelijke beleid kan helpen in het sturen van zowel binnenstedelijke verdichting als nieuwbouw buiten de stad door restricties te leggen op het bebouwen van open ruimte en het stimuleren van alternatieve verstedelijkingslocaties. Andere factoren die bijdragen aan verdichting zijn aanwezigheid van monumenten en stedelijke voorzieningen. Analyses van gedetailleerde, locatie-specifieke gegevens over mobiel telefoongebruik ondersteunen het idee dat stedelijke gebieden met veel functiemenging en hoge dichtheid intensiever gebruikt worden. Dergelijke gebieden worden ook door beleidsmakers als aantrekkelijke stedelijke locaties aangedragen.


Transformatie van leegstand

De empirische analyses in combinatie met modelsimulaties die uitgaan van de verwachte toekomstige behoefte aan extra woningen geven aan dat huidige ambities voor binnenstedelijke verdichting weinig realistisch lijken. Mogelijke locaties voor verdere binnenstedelijke verdichting zijn te vinden waar veel kantoren leegstaan. Een analyse van kantorenleegstand toonde aan dat vooral gebouwkenmerken (en niet de ruimtelijke condities) een bepalende factor zijn in het verklaren van leegstand. De bijbehorende transformatieopgave zal zich dus vooral moeten richten op concentraties van specifieke gebouwen en minder op hun ruimtelijke karakteristieken. De veranderende rol van planning en ontwerp is bestudeerd in twee case studies. Deze geven aan dat ruimtelijke planning verschuift van concepten (wat/waar) naar proces (wie/hoe). Ontwerp helpt hierbij als communicatie-instrument en minder als blauwdruk voor ontwikkeling.


Delen en toepassing verworven kennis

De nieuw verworven kennis is gedeeld met nationale, regionale en lokale maatschappelijke partners en met hen toegepast in verschillende ruimtelijke vraagstukken. Zo is bijgedragen aan de aanpassing van het model Ruimtescanner dat door PBL gebruikt wordt om nationale toekomstverkenningen te maken voor bijvoorbeeld het Deltaprogramma dat beoogt Nederland te beschermen tegen hoogwater en te zorgen voor voldoende zoetwater. Daarnaast zijn nieuwe tools ontwikkeld en uitgetest voor lokale gebiedsontwikkelingsprocessen. Middels dergelijke hulpmiddelen konden burgers actiever betrokken worden bij het inventariseren van probleemlocaties en het aandragen van ruimtelijke oplossingen. Uit de analyse van de inzet van de instrumenten voor burgerparticipatie in Parkstad en de regio Utrecht blijkt dat bewoners constructief kunnen deelnemen aan het vormgeven van hun woonomgeving, als ze eenvoudig toegang hebben tot het besluitvormingsproces.

Publicaties en links

  • Een samenvatting van de onderzoeksresultaten vindt u in het artikel De Verstedelijkingsparadox, verschenen in het vakblad Rooilijn in 2014. [2]